Kerkbrink
brinkje bij de Torenlaan
Ook dit kleine brinkje hoorde bij de "Kerkbrink".
Links op de tekening staat het oude raadhuis. In het midden zijn de winkel en het woonhuis van bakker Das te zien. Het pleintje met de bomen was vroeger particulier bezit van de familie Das. Hoe dat zo gekomen was, wordt beschreven in het gedenkboek dat het gemeentebestuur in 1924 uitgaf ter gelegenheid van het vijfhonderdjarig bestaan van Hilversum:
“Op 26 augustus 1833 verzoekt ‘Rijk Jacobz. Das’ het stukje grond dat als dorpsgrond is aangemerkt en tot niet uitloopt in de beide wegen naar de Zon- en Maansteeg en Kerkbrink. Hij wil dit om zekerheid te hebben dat daar nooit iets op zou kunnen worden gebouwd of gezet dat hinderlijk zou zijn voor het vrije uitzicht, terwijl hij aan den anderen kant tot verfraaiing en verbetering het voornemen koestert daarop jonge bomen te planten. Hij zal op dat stukje noch enig gebouw, getimmerte of heining plaatsen, maar het geheel tot publieke passage voor voetgangers vrijlaten.”
Das kreeg het stukje grond voor "twintig gulden", onder de voorwaarden die hij zelf had genoemd. In 1928 werd zijn huis afgebroken. Op deze plek verrezen daarna enkele grote winkelpanden.
De man met de twee emmers aan een juk komt op de tekening juist uit de Zon- en Maanstraat lopen. In dat straatje stond vroeger het snoepwinkeltje van vrouw van der Wolk, dat bij de Hilversumse jeugd zeer bekend was. Zij heette Wilhelmina, maar werd door de jeugd meestal kortweg "Wim" genoemd. Kinderen kwamen van heinde en ver naar "Wim in de Zon en Maan" om voor een hele of halve cent "van het blad" te kopen. Daarvoor moest zij telkens haar werk onderbreken. Wanneer een kind te lang over zijn keuze deed, kon zij wat ongeduldig vragen:
"Komt er nog wat van?"
De schrijfster Hendrika Kuijper-van Oordt, die graag in Hilversum verbleef, schreef over de Zon- en Maanstraat een novelle met de titel "De Sterresteeg".
Rechts op de tekening stond de boerderij van Splint. Later kwam op die plek de boekhandel van Schaaf.