Kerkbrink
het Hof van Holland
Vroeger werd de "koeienmarkt" op de Kerkbrink gehouden. De dieren stonden vast aan touwen die door gaten in witte stenen paaltjes waren gehaald. Vanaf 1823 werd hier iedere week ook een graan- en botermarkt gehouden. Onder de hoge bomen stonden kleptafels waarop de gele kluiten boter lagen uitgestald. Blijkbaar werd er soms met het gewicht gesjoemeld, want regelmatig kwam er een diender uit het "Rechthuis" met een weegschaal om controle uit te voeren. Op marktdagen deed Buwalda, kastelein van "Het Hof van Holland", goede zaken.
In 1877 verhuisde de botermarkt naar de Groest en elf jaar later volgde ook de veemarkt.
Ook de aankomst en het vertrek van Buwalda’s diligence zorgden voor enige levendigheid op de Kerkbrink. Later reed hier de paardentram die vanuit ’s-Graveland naar de Kerkbrink kwam en vervolgens doorreed naar het station. Door de aanleg van de spoorlijn verdween uiteindelijk de postkoets.
De zomeravondconcerten op de Kerkbrink trokken veel inwoners. Ook het terras van Het Hof van Holland zat dan vol met muziekliefhebbers. Daar verzamelde zich vooral de plaatselijke elite.
Op "Koninginnedag" werd het raadhuis feestelijk verlicht. Op 6 april 1901 stond president "Kruger" op het bordes van het raadhuis. Men vroeg hem of hij zin had in een kop koffie. Dat wilde hij wel, maar dan met veel melk en weinig koffie. Zo’n slap kopje koffie noemden de Hilversummers "lariekoffie".
Tal van verenigingen trokken met hun vaandels langs het bordes en ook de schutterij stond voor deze gelegenheid bijzonder strak in het gelid. Op 11 augustus 1924 was er opnieuw belangrijk bezoek op het bordes. Hilversum vierde toen het "vijfhonderdjarig bestaan als zelfstandige gemeente". Koningin Wilhelmina en de vijftienjarige prinses Juliana kwamen hun gelukwensen aanbieden. Zij werden door de bevolking enthousiast toegejuicht.
Links op de tekening is nog net de ouderwetse huis- en hoefsmederij van de smid van Walbeek te zien, met daarnaast de winkel van Woudenberg. Later werden op die plek meubels geveild.
Toen aan het begin van de jaren 1930 het nieuwe gemeentehuis gereedkwam, een veel bewonderd ontwerp van architect Dudok, kreeg het oude raadhuis een nieuwe bestemming als onderkomen van het "Goois Museum". Later verhuisde het museum naar "de Vaart" om daarna weer terug te keren naar de Kerkbrink.