Eemnesserweg
langs het fietspad naar Eemnes
Toen de "Ooster Spoorweg" in 1874 in gebruik werd genomen, en later overging naar de "Hollandsche IJzeren Spoorweg-Maatschappij", was de wijk "Over het Spoor" nog bijna onontgonnen gebied. Er lagen uitgestrekte velden met rogge, haver en boekweit, met hier en daar een enkel boerenhuisje of een eenvoudig arbeiderswoninkje.
Wie later naar de ijzergieterij van "Ensink" moest, kreeg het advies om brood en koffie mee te nemen, want men was daar niet snel weer terug. Hetzelfde gold voor bezoekers van de in 1885 gebouwde "gasfabriek". Vanaf die plek kon men de hele hei tot aan Laren overzien.
De tekening van de "Eemnesserweg" laat zien hoe dit gebied er rond 1900 uitzag, gezien vanaf de ijzergieterij van Ensink. De huisjes op de voorgrond stonden ongeveer ter hoogte van de later aangelegde "Jan van der Heijdenstraat", op de plek waar de "Da Costaschool" stond.
Vanaf deze plek begon vroeger het fietspad naar Laren en Eemnes. Op de hei werden geregeld militaire oefeningen gehouden. De voormalige sergeant-majoor Rebel, die in de Bakkerstraat woonde, wilde daar dan altijd bij zijn. Ook zwierven er ’s nachts vaak stropers met lichtbakken over de hei. De heren van "Trompenberg" speelden hier hun golfspel.
Vlak achter de gasfabriek werd in 1895 het gemeentelijke vaaltterrein (vuilnisbelt) aangelegd. Daar kwam ook een verbrandingsoven met schoorsteen waarin afgekeurd vlees onder toezicht van de politie werd verbrand.
Langs de gasfabriek liep een sloot die het overtollige water van de "Schapenkamp" naar het pompstation op de hei afvoerde. Daar lagen de "vloeivelden". Langs het laatste deel van deze moddersloot stond een rij sparrenbomen, die helaas in de strenge winter van 1944 als brandhout is opgestookt.
Aan de oostkant van de hei, een eind achter de vloeivelden, lag het "Laarder Wasmeer". Daar werden vroeger de schapen gewassen voordat zij werden geschoren.